![]() |
||
Paniek Een paniekaanval geeft vaak dezelfde verschijnselen als een hyperventilatieaanval. Het verschil zit in de oorzaak. Hyperventilatie wordt veroorzaakt door een te snelle/te diepe ademhaling, terwijl een tekort aan serotonine de oorzaak van een paniekstoornis is. Serotonine is een stof die door de hersenen wordt aangemaakt. Vaak komen hyperventilatie en paniek naast elkaar voor. Eerst moet de hyperventilatie over zijn. Vaak heeft men dan ook geen klachten meer van paniek. Soms blijft de angst/paniek bestaan, en helpt ook gedragstherapie niet voldoende. Dan is een antidepressivum een uitkomst. Een antidepressivum was oorspronkelijk bedoeld voor mensen met depressiviteit, maar het werkt ook zeer effectief bij paniekstoornis. Antidepressiva bevatten een serotonine-heropnameremmer. Antidepressiva geven heftige inwerkverschijnselen; een goede begeleiding daarbij is heel belangrijk, evenals een heel lage begindosering. Er zitten ook negatieve kanten aan antidepressiva, zoals vaak gewichtstoename, en een verminderd libido. Vaak wegen de nadelen niet op tegen de voordelen. Bij een paniekaanval en een hyperventilatieaanval
heeft men allerlei lichamelijke klachten, zoals beschreven bij “Hyperventilatie”,
en er kan ook sprake zijn van: willen vluchten, angst om de controle
over jezelf te verliezen, angst om gek te worden, angst om dood te
gaan. |
||